We hebben nog wel wat in onze tassen zitten voor een ontbijtje dus we zetten ons aan de zonnekant voor de Albergue voor het terras. Zonder die zon is het bitter koud. Dit hebben we nog niet meegemaakt, om 5u40 was iedereen al weg op ons en twee langslapers na. Een daarvan lag gisteren ook al in bed van in de namiddag, misschien ziek ? Mijn darmen zijn ook nog niet de oude. De uittocht maakte ons wel wakker maar eens zo plezant je dan nog eens om te draaien voor een uurtje. We vliegen de eerste 22km in amper een uur tot Sahagun. Elias mag nog eens bij mij aanhangen want er staat vandaag een vrij vlak traject op het programma. Op een terras in Sahagun trekt een Spaanse oma bij het zien van de kindjes spontaan haar handtas open om een zakje snoepjes boven te halen waar de kinderen uit mogen kiezen. De kokkette dame overdondert ze met lieve woordjes maar ik snap er niet veel van. In de supermarkt krijgen ze een chupa chup. Geen wonder dat Spaanse kindjes ons aan de ronde kant lijken. Vanaf Sahagun loopt de rest van de dag via een rustige platte asfalt baan met vlak ernaast het wandelpad, naast hetwelk boompjes aangeplant werden voor schaduw maar die reikt niet tot op de asfalt natuurlijk. Het bolt vlot maar het is heet. Voor de middagpauze zien we een hutje met houten puntdak. Als we naderbij komen geeft een vrijwilligster dame van de Fraternidad de la Esperanza ons fris water en brood. Op een tafeldoekje staat een mandje met handgemaake kadootjes voor ons allen, een pin met een hart en twee handen, zoals die Ikea kussens. Er staat een blikken doosje voor een vrijblijvende bijdrage. We eten onze picnic, de kinderen staan aan de omheining gekluisterd naar de pikdorser te kijken die zijn lading in een oplegger komt leegmaken. Dan komt er nog eens een ander vehikel om de pikdorser van brandstof te voorzien. Elias is sprakeloos, zo dichtbij! We spreken met enkele wandelaars. Een oude Spaanse meneer wacht met een zelf ingericht busje op zijn vrouw, zij stapt, hij bereidt voor, kookt, eet en ondersteunt haar. Zelf zie ik hem geen Camino meer lopen. Hij haalt enkele kersen uit zijn busje. Lekker! Ons voornemen om tot Leon te fietsen blijkt toch wat voorbarig, we mikken dan maar op Mansilla de la Mulas. De laatste tien km krijgen we gezelschap van twee Alsembergse belgen die licht bepakt meerijden. Ze drijven ons tempo wat op, vrouwen babbelen, mannen ook maar dan een beetje voorop. Ze drijven ons tempo wat op, al babbelend hebben we er geen erg in, maar in het volgende dorp zien we plots de mannen niet meer. De GPS van mevrouw in combinatie met mijn boekje brengen ons toch snel weer samen. Enkele mannen op een terras verwezen ons ook door naar wat ze vermoedden de rest van het gezelschap was. Zodra we het dorp binnenrijden zien we een Albergue, we rijden een toertje om te zien of er nog een is maar we keren al snel terug. Ernaast is een hotel maar enkel een triple room en te duur. De Alsembergers namen daar een kamer en gingen Leon nog snel met de bus bezoeken. Maar als de kinderen zich uitleven op en onder de trampoline in de bloedhete tuin van de herberg en we een koel drankje hebben doen we het kalmaan. Het is best een rustige herberg, modern met een bar restaurant met zelfgerookte hespen. Het zijn bijna uitsluitend fietsers en de meeste toeristen, zonder veel bagage, met pintjes, gesnurk en lang slapen inclusief. Wat een verschil met de professional pelgrims van gisteren. Deze doen het echt wel op hun gemak. Johan kan zijn eerste aankomst van de tour de france zien op de tv op terras. We staan als eerste klaar voor de keuken van het restaurant die pas om 19uur opengaat maar het is het wachten waard. Elias en Adriana worden echte liefhebbers van Spaanse charcuterie. We bekijken de vluchten van Vueling dankzij de straffe wifi voor de terugreis en proberen wat te berekenen wanneer we vermoedelijk in Santiago zullen zijn. Het voelt nog steeds raar aan de retour te denken. Morgen willen we snel naar en door Leon rijden, een stad die je naar het schijnt als pelgrim niet mag missen. We bestuderen de sms van Celia nog eens die het hel vondt om de stad in te geraken, neen volgens onze boekjes zou het een fluitje van een cent worden, raar, wat kunnen gidsen toch verschillen ? Ik geef nog een lap op het bijwerken van de blog en mail een hele brok naar Els. Dan kruip ik voor de zoveelste keer in het bovenbed van onze box van bunk beds, Johan en de kinderen slapen, veel gesnurk en enkele stevige koppels proppen zich zelfs in een bed, hopelijk gedragen die zich want ik ben nog niet klaar om dat uit te leggen aan een zesjarige. Het is al moeilijk genoeg de aandacht af te leiden van de kinderen van koeien, honden of paarden die hun kansje wagen bij een soortgenoot. Ja leuke herberg, de mega ventilator aan het plafond doet zijn werk, Johan kermt van de warmte, maar misschien waren het de patatas bravas, overgoten met een sausje waar de spicy ketchup van Jamaica niet aan kon tipppen…. Toch weer 59km op de teller bijgeschreven.